photoshop tips

Basisprincipes Photoshop

Photoshop, wanneer jij je maar een beetje in de creatieve hoek begeeft weet je wat het is. Maar, het is een uitgebreid programma dat je niet zo een, twee, drie onder de knie krijgt. Dus we beginnen met een paar basisprincipes. Wil je er er serieus mee aan de slag? Check dan de Adobe Photoshop cursus!

Het begint allemaal met het openen van een of meerdere afbeeldingen. Dit doe je onder het kopje file links bovenin het menu. Wanneer je de afbeelding voor je hebt kun je aan de slag.

De toolbar

Om de afbeelding te bewerken gebruik je onder andere de toolbar. Deze vind je aan de linkerzijde in Photoshop. Hierin staan tools waarmee je de bestanden kunt bewerken. Om je op weg te helpen, licht ik er een aantal voor je uit. Wil jij een echte pro worden en de meest handige en veelgebruikte tools toe kunnen passen in jouw ontwerpen? Dit komt allemaal terug in de online Photoshop cursus die ik geef.  

photoshop master

Een veelgebruikte tool is de Eyedropper. Hiermee selecteer je een kleur in de afbeelding, om deze vervolgens te gebruiken als nieuwe voor- of achtergrond kleur. 

Een andere onmisbare tool is Move, hiermee verplaats je zowel binnen de afbeelding, maar ook in andere afbeeldingen, verschillende layers en selecties. Dit is super fijn om afbeeldingen binnen de layers en selecties goed uit te lijnen. 

De Magic wand tool, is handig om een gebied met een bepaalde kleur pixel te selecteren zonder zelf langs de randen te hoeven gaan. Let hierbij wel op de gevoeligheid, deze kun je instellen in de Option Bar. 

Met de Patch tool kun je een selectie repareren met pixels of patronen van een afbeelding. Deze functie matcht de belichting, texturenen schaduwen van het geselecteerde gedeelte met het deel van de afbeelding dat gerepareerd moet worden. 

Een veel voorkomend verschijnsel op foto’s zijn rode ogen, veroorzaakt door het gebruik van een flitser. Gelukkig is de Red Eye tool er om te bewerken.

Filters

Het hele idee van Photoshop is toch vaak om afbeeldingen er net wat beter uit te laten komen dan ze daadwerkelijk zijn. Je kunt geen foto meer bekijken zonder dat er een filter overheen is gebruikt. Het fijne aan Photoshop is dat je met verschillende aanpassingslagen de foto zo kunt bewerken dat deze er mooier uitziet, maar wel realistisch blijft. Een standaard filter van bijvoorbeeld Instagram komt al snel onrealistisch en zwaar bewerkt over. Door gebruik te maken van Photoshop en consistent te zijn in de beeldbewerking, kom je professioneel voor de dag. Een andere goede manier om de foto iets op te knappen is door het contrast aan te passen. Door met het contrast te spelen, zie je de foto al snel opfleuren.

Bestandstypes

In Photoshop zijn er verschillende manieren om de gemaakte bestanden op te slaan, ook wel bestandstypen genoemd. You better be safe than sorry!

De meest bekende is waarschijnlijk JPEG, dit type is het handigste om te gebruiken als je het bestand met klanten gaat delen. JPEG is het bestandstypen dat vrijwel overal op draait en tien keer zo klein is dan het RAW bestand. Dit komt doordat de digitale informatie in het document flink gecomprimeerd is. Let er wel op, het verlies van deze informatie is niet meer te herstellen. 

PSD wordt gebruikt voor lopende projecten. Dit bestand is in alle andere programma’s van Adobe te openen en te bewerken, waardoor je er gemakkelijk aan kunt blijven werken. 

Een ander bekend bestandstype is PNG dit zijn afbeeldingen met een transparante achtergrond. Door hiervoor te kiezen kun je de ontwerpen gemakkelijk overal plaatsen, zonder dat er een achtergrond op zichtbaar is. Dit is ideaal voor productfotografie, maar ook voor logo’s en iconen.

Bepaal de kleurmodus

Met de kleurmodus bepaal je hoe kleuren gecombineerd worden. Dit is van belang bij de keuze of je het bestand gebruikt voor drukwerk of enkel voor online publicaties.

kleurmodus bepalen

Wanneer het gedrukt wordt kies je voor de CMYK-kleurmodus. De drukkerij maakt namelijk gebruik van 4 verschillende drukplaten, cyaan, magenta, yellow en key plate. Deze komen overeen met de CMYK-kleurmodus. Voor bestanden die alleen online gebruikt worden kun je kiezen voor RGB. Hierbij worden drie kleuren gebruikt om de kleuren op het scherm te laten zien. Dit gaat om de kleuren rood, groen en blauw. Je begrijpt, wanneer je een RGB afbeelding af laat drukken krijg je niet het resultaat wat jij voor ogen hebt. Het is daarom belangrijk dat je de afbeelding handmatig aanpast naar CMYK in Photoshop. Op deze manier heb jij direct zicht en controle op het uiteindelijke eindresultaat van de drukkerij. 

Dit zijn de twee meest gebruikte kleurmodussen, je kunt daarnaast te maken krijgen met: 

  • Lab kleurmodus 
  • Grijswaardenmodus 
  • Bitmapmodus 
  • Duotoonmodus 
  • Modus geïndexeerde kleur 

Zoals gezegd, dit is nog maar het tipje van de sluier van wat er allemaal mogelijk is in Photoshop. Wanneer jij jezelf wilt ontwikkelen en alle ins and outs van Photoshop wilt leren kennen, ga dan vooral veel oefenen, kijk YouTube filmpjes en vraag hulp. Het is zonde wanneer je weken lang aan het ploeteren bent, terwijl iemand je het ook in een dag uit kan leggen.